Waterbus: ook voor de fiscus een openbaar vervoermiddel

Auteur: Peggy Criel
Datum:

Sinds enige jaren varen er op de Schelde en op het Zennekanaal waterbussen die werknemers kunnen gebruiken voor hun woon-werkverplaatsingen. Recent schepte de FOD Financiën duidelijkheid over het fiscale lot van de waterbus: de boot is te beschouwen als een middel van openbaar vervoer.

WATERBUS EN DE TERUGBETALING VAN DE TRANSPORTKOSTEN

In zijn advies nr. 2060 bepaalt de Nationale Arbeidsraad (NAR) dat de waterbus te beschouwen is als een openbaar vervoermiddel. Bijgevolg zijn de algemene regels voor de tussenkomst in het openbaar vervoer zoals vastgelegd in de cao nr. 19 octies van toepassing (zie ook onze infoflash van 8 december 2017).

De tussenkomst opgenomen in de cao nr. 19 octies is een intersectoraal minimum. Veel sectoren hebben voorzien in een grotere terugbetaling voor andere openbare vervoermiddelen dan de trein. Raadpleeg onze sectorale informatie voor de bepalingen van toepassing op uw paritair comité.

DE REGELS OP FISCAAL VLAK

In een recente circulaire schept de FOD Financiën duidelijkheid over het fiscale lot van de waterbus. In navolging van het advies van de NAR aanvaardt de administratie dat de waterbus, die als collectief publiek vervoermiddel wordt ingezet, ook op fiscaal vlak onder openbaar gemeenschappelijk vervoer valt.

Vergoedingen die de werkgever toekent als terugbetaling of betaling van reiskosten van de woonplaats naar de plaats van tewerkstelling voor de verplaatsingen met de waterbus zijn, voor het volledige bedrag van die vergoeding, bij de werknemer vrijgesteld van belastingen op voorwaarde dat de beroepskosten van de werknemer forfaitair worden bepaald.

Bronnen: Advies van de Nationale Arbeidsraad nr. 2060 van 28 november 2017; Circulaire/C/77 van 15 juni 2018 over de Waterbus.