Vrijstelling van het tewerkstellen van jongeren met een Startbaanovereenkomst (SBO) in PC 124, 126, 120 en 214

Auteur: Anne Ghysels
Datum:

Mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan, zijn werkgevers verplicht om een bepaald aantal jongeren onder de 26 jaar tewerk te stellen, tenzij ze vrijgesteld zijn van deze verplichting.

Verplichting tot aanwerving

Werkgevers die tot de privésector behoren en die minstens 50 werknemers tewerkstelden op 30 juni van het voorgaande kalenderjaar zijn verplicht om jongeren onder de 26 jaar te werk te stellen ten belope van een bepaald percentage van hun personeelsbestand berekend in voltijdse equivalenten: 3 % voor de profitsector en 1,5 % voor de non-profitsector.

Werkgevers die geen 50 werknemers tewerkstelden op 30 juni van het voorgaande kalenderjaar moeten niet voldoen aan die verplichting.

Mogelijkheid tot vrijstelling

De wet betreffende de SBO's laat de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg toe om aan de sectoren die daarom vragen een volledige vrijstelling van deze verplichting toe te kennen. Deze vrijstelling wordt toegekend wanneer de sector minstens 0,15 % van de driemaandelijkse loonsom besteedt ten gunste van de 'risicogroepen' en verder bijzondere inspanningen levert op het vlak van de aanwerving van werknemers.

Het PC nr. 124 (bouwbedrijven), 126 (ondernemingen in de stoffering en de houtbewerking), 120 & 214 (ondernemingen uit de textielnijverheid) die van deze mogelijkheid gebruik hebben gemaakt.

De werkgevers die voor hun arbeiders afhangen van PC nr. 120, 124 of 126 en/of voor hun bedienden van PC nr. 214 zijn vrijgesteld van de verplichting om jongeren onder de 26 jaar te werk te stellen. De vrijstelling geldt vanaf 1 januari 2018 tot en met 31 december 2019.

Werkgevers die voor hun arbeiders onder het PC nr. 120, 124 of 126 vallen, worden volledig vrijgesteld, ook wanneer ze bedienden tewerkstellen en hun personeel uit meer bedienden dan arbeiders bestaat.

Werkgevers die voor hun bedienden onder het PC nr. 214 vallen, worden volledig vrijgesteld, ook wanneer ze arbeiders tewerkstellen en hun personeel uit meer arbeiders dan bedienden bestaat.

Bronnen: Ministerieel Besluit van 20 februari 2018 tot vrijstelling van de verplichting om jonge werknemers in dienst te nemen voor de ondernemingen die voor hun arbeiders onder de bevoegdheid vallen van het paritair comité voor de textielnijverheid en het breiwerk (PC 120) en voor de bedienden onder het paritair comité voor de bedienden van de textielnijverheid en het breiwerk (PC 214), B.S. 09.05.2018; Ministerieel besluit van 20 februari 2018 tot vrijstelling van de verplichting om jonge werknemers in dienst te nemen voor de ondernemingen die voor hun werklieden onder de bevoegdheid van het paritair comité voor het bouwbedrijf vallen, B.S. 09.05.2018;Ministerieel besluit van 20 februari 2018 tot vrijstelling van de verplichting om jonge werknemers in dienst te nemen voor de ondernemingen die voor hun werklieden onder de bevoegdheid van het paritair comité voor de stoffering en houtbewerking, B.S. 09.05.2018.

Auteur: Anne Ghysels

29/05/2018