Mobiliteitsbudget of bedrijfswagen? Aan u de keuze!

Auteur: Peggy Criel
Datum:

Vanaf 2018 zou de werknemer die over een bedrijfswagen beschikt deze wagen kunnen inruilen voor een mobiliteitsbudget. De regering is hierover tot een politiek akkoord gekomen maar sleutelt nog aan de teksten. De voorwaarden waaronder deze omvorming mogelijk zou worden, de berekeningswijze van het mobiliteitsbudget en de fiscale en sociale behandeling ervan, lichten we wel al even kort toe.

Invoering van het mobiliteitsbudget: vrije keuze

Een bedrijfswagen omruilen voor een mobiliteitsbudget kan enkel wanneer de werkgever hiertoe het initiatief neemt. De werkgever beslist of er een systeem van mobiliteitsbudget wordt ingevoerd. Enkel werkgevers die reeds gedurende een ononderbroken periode van minstens drie jaar bedrijfswagens hebben toegekend kunnen een dergelijk systeem invoeren.

De werknemer kiest vervolgens vrij of hij zijn bedrijfswagen wil vervangen door een mobiliteitsbudget. Wil hij zijn bedrijfswagen inruilen dan zal hij een aanvraag moeten indienen. Voorwaarde is wel dat de werknemer de voorbije drie jaar reeds gedurende een periode van twaalf ononderbroken maanden over een bedrijfswagen beschikt én minstens drie maanden ononderbroken voor de aanvraag. De werkgever beslist vrij of hij akkoord gaat met de aanvraag van de werknemer en kan er eventueel voorwaarden aan verbinden.

Omvang van het mobiliteitsbudget

Het mobiliteitsbudget bestaat uit een geldbedrag dat op jaarbasis wordt berekend aan de hand van volgende formule: cataloguswaarde van de bedrijfswagen x 6/7 x 20 %. Indien de werknemer beschikte over een tankkaart verhoogt het budget met 20 %.

De cataloguswaarde is deze van de bedrijfswagen die wordt ingeruild voor het mobiliteitsbudget. Hoe hoger de cataloguswaarde, hoe hoger het mobiliteitsbudget. Betaalde de werknemer een eigen bijdrage voor de bedrijfswagen, dan wordt deze in mindering gebracht van de cataloguswaarde.

Voorbeeld:

De werknemer beschikt over een Volkswagen Golf (diesel - inschrijvingsdatum DIV: 01/01/2017) met een cataloguswaarde van 28.512,00 euro en een CO2-uitstootgehalte van 102 g/km. De werkgever stelt ook een tankkaart ter beschikking. Indien de werknemer zijn bedrijfswagen met tankkaart inruilt ontvangt hij hiervoor een mobiliteitsbudget van 5.865,32 EUR op jaarbasis (= 28.512 EUR x 6/7 x 20 % verhoogd met 20 %).

Sociale en fiscale behandeling van het mobiliteitsbudget

Op het mobiliteitsbudget zullen niet de gewone werkgevers- en werknemersbijdragen worden berekend. Net zoals bij een bedrijfswagen, zal de werkgever een solidariteitsbijdrage verschuldigd zijn die wordt berekend op basis van de gegevens van de bedrijfswagen die wordt ingeruild voor een mobiliteitsbudget. De werknemer van zijn kant is geen socialezekerheidsbijdrage verschuldigd.

Naar analogie met het belastbaar voordeel van de bedrijfswagen, wordt het belastbaar gedeelte van het mobiliteitsbudget bepaald in functie van de cataloguswaarde, de gebruikte brandstof en het CO2-uitstootgehalte van de bedrijfswagen die wordt omgezet in het mobiliteitsbudget.

Voorbeeld:

De solidariteitsbijdrage op het voordeel van de bedrijfswagen zoals hierboven vermeld bedraagt 397,08 EUR/jaar.

Het belastbare voordeel van de bedrijfswagen zoals hierboven vermeld bedraagt 1.711,00 EUR (inkomstenjaar 2017). De bedrijfsvoorheffing bedraagt op jaarbasis 915,39 EUR (veronderstelling van een bedrijfsvoorheffing van 53,50 %).

De sociale en fiscale behandeling van het mobiliteitsbudget ziet er dan als volgt uit:

Solidariteitsbijdrage Werkgever

397,08 EUR

Brutobedrag van het budget

5.865,32 EUR

Bedrijfsvoorheffing

915,39 EUR

Nettobedrag van het budget

4.949,93 EUR

Verdere stappen

Het politieke akkoord moet nog omgezet worden in wetteksten. Bovenstaande informatie wordt dan ook onder voorbehoud meegedeeld. Partena volgt de ontwikkelingen op de voet en informeert u van zodra de maatregel concreter wordt.

Bronnen: Diverse persberichten

Auteur: Peggy Criel

11/07/2017