Fiscaal aspect van de tijdelijke crisismaatregelen overbruggingsrecht

Auteur: Valérie Mawet (Legal Expert)
Datum:

UPDATE 28/01/2021 - 16:45

 

De regering heeft in 2020 een aantal maatregelen uitgevaardigd, met het doel de zelfstandigen te helpen om het hoofd te kunnen bieden aan deze moeilijke periode.

De uitkeringen die binnen dit kader worden ontvangen zullen echter ook belast worden !

Aan welke belasting kan u zich verwachten ?

Crisisoverbruggingsrecht

Indien u werd gedwongen om uw activiteit volledig of gedeeltelijk te onderbreken (= verplichte onderbreking) of indien u uw activiteit gedurende minstens 7 opeenvolgende kalenderdagen volledig heeft onderbroken (= vrijwillige onderbreking), heeft u dus zeker genoten van uitkeringen binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht.

Hoe moet u deze ontvangen uitkeringen aangeven en hoe zullen deze belast worden ?

Het belastingstelsel van het crisisoverbruggingsrecht voor zelfstandigen wijkt in bepaalde gevallen af van het stelsel van het klassieke overbruggingsrecht voor zelfstandigen (omzendbrief 2020/C/94 van 8 juli 2020). Het stelsel hangt bovendien af van de inkomstencategorie waaronder de inkomsten vallen die verworven worden uit de onderbroken activiteit.

Er moet dus een onderscheid gemaakt worden tussen:

1°.  Zelfstandigen die als fysieke persoon winsten (kader XVII van de belastingaangifte) of baten (kader XVIII van de belastingaangifte) verwerven

Deze financiële uitkeringen, die verkregen worden binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht, worden gekwalificeerd als uitkeringen, verkregen ter compensatie of naar aanleiding van een handeling die een vermindering van de beroepsactiviteit of van de winsten of baten tot gevolg kan hebben.

Financiële uitkeringen die worden verkregen binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht, worden belast aan het afzonderlijke tarief van 16,5%, indien zij niet hoger zijn dan de netto belastbare winsten of baten die in de 4 jaren die voorafgaan aan het jaar van de vermindering van de activiteit, werden verworven (in dit geval zijn de 4 voorafgaande jaren 2016, 2017, 2018 en 2019) (= regel van 4*4).

Voorbeeld :

  • Nettowinst 2016 = 12.350 €
  • Nettowinst 2017 = 4.500 € (verlies)
  • Nettowinst 2018 = 6.250 €
  • Nettowinst 2019 = 15.000 €
  • Nettowinst 2020 = 5.000 € + crisisoverbruggingsuitkering tijdens de periode van verplichte sluiting = 6.456,40 €

De nettowinst van de laatste 4 jaren bedraagt 29.100 €. Het totale bedrag van de uitkeringen die werden toegekend binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht, dat in 2020 werd ontvangen (= 6.456,40 €) is in dit geval niet hoger dan de nettowinst van de laatste 4 jaren (= 29.100 €). Deze uitkeringen worden dus belast aan het tarief van 16,5%.

Indien zij wel hoger zijn dan de netto belastbare winsten of baten van deze laatste 4 jaar, worden ze belast aan het progressieve belastingtarief.

In principe zal u een fiscale fiche 281.50, met de vermelding “crisisoverbruggingsrecht – art. 3 en 4, Wet 23.3.2020” overgemaakt worden. Wij wachten nog op meer verduidelijking hieromtrent.

Er stellen zich nog veel vragen over het opmaken van deze fiscale fiches door de socialeverzekeringsfondsen; wij wachten nog op antwoorden van de FOD Financien.

Opgelet ! De financiële uitkering binnen het kader van de tijdelijke crisismaatregel overbruggingsrecht (luik gedwongen/vrijwillige onderbreking) wordt niet beschouwd als een vervangingsinkomen in de fiscale zin van het woord (art. 146-154, WIB 92).

Deze uitkeringen zullen echter niet opgenomen worden in de berekeningsgrondslag van de sociale bijdragen. U zal op deze bedragen geen sociale bijdragen betalen.

2°. Bedrijfsleiders (kader XVII van de belastingaangifte)

De uitkeringen binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht, verkregen door zelfstandige bedrijfsleiders, moeten beschouwd worden als “vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van bezoldigingen van bedrijfsleiders”. Deze worden als vervangingsinkomsten gezamenlijk belast aan het normale progressieve tarief en geven eventueel recht op een belastingvermindering.

Deze vergoedingen worden niet meegeteld voor de berekeningsbasis van de bijdragen. Als bedrijfsleider moet u voor de ontvangen uitkering dus geen sociale bijdragen betalen.

Er zal een fiscale fiche 281.18 – vervangingsinkomsten – overgemaakt worden. Deze bedragen moeten vermeld worden onder de codes 1271/2271 van de aangifte.

3°.  Meewerkende partners

Het bedrag van de financiële uitkeringen waarvan meewerkende partners genieten binnen het kader van het crisisoverbruggingsrecht is niet belastbaar en moet dus niet vermeld worden in de aangifte (GEEN CODE IN DE AANGIFTE).

Er bestaat eigenlijk geen wettelijke bepaling die deze inkomsten aan de inkomstenbelasting onderwerpt.

U moet dus geen sociale bijdragen betalen voor de ontvangen uitkering.

Overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart

Indien u werd gedwongen om uw activiteiten te onderbreken naar aanleiding van een beslissing van de overheid en u deze activiteit kon hernemen vanaf 4 mei 2020 (of later), heeft u kunnen genieten van het heropstartoverbruggingsrecht.

Hoe moet u deze ontvangen uitkeringen aangeven en hoe zullen deze belast worden ?

Zowel voor zelfstandigen - fysieke personen als voor bedrijfsleiders, worden de uitkeringen, ontvangen binnen het kader van het heropstartoverbruggingsrecht, beschouwd als “vergoedingen, verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van winsten, baten, bezoldigingen van werknemers of van bedrijfsleiders”. Deze vergoedingen moeten beschouwd worden als vervangingsinkomsten, belast tegen het normale progressieve tarief en geven eventueel recht op een belastingvermindering.

Deze vergoedingen worden niet meegeteld voor de berekeningsbasis van de bijdragen. Binnen dit kader moeten geen sociale bijdragen betaald worden voor de ontvangen uitkering.

Er zal een fiscale fiche 281.18 – vervangingsinkomsten – afgeleverd worden. Deze bedragen moeten vermeld worden onder de codes 1271/2271 van de aangifte.

Voor meewerkende partners is het bedrag van de financiële uitkeringen, ontvangen binnen het kader van het overbruggingsrecht ter ondersteuning van de heropstart niet belastbaar en moet dus niet vermeld worden op de aangifte.

Klassiek overbruggingsrecht – gedwongen onderbreking “overige COVID-19”

Indien u niet voldoet aan de voorwaarden om van het tijdelijke crisis- of heropstartoverbruggingsrecht te genieten, maar uw activiteit in 2020 een grote economische impact heeft ondervonden door COVID 19, heeft u eventueel kunnen genieten van het klassieke overbruggingsrecht – 3e pijler (gedwongen onderbreking “overige covid-19”).

Het belastingstelsel van het klassieke overbruggingsrecht wordt toegepast voor de financiële uitkeringen die ontvangen worden binnen het kader van de 3e pijler (gedwongen onderbreking – gebeurtenis met een economische impact of quarantaine).

Uitkeringen die worden verkregen binnen het kader van het klassieke overbruggingsrecht worden beschouwd als “vergoedingen, verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van winsten, bezoldigingen van werknemers of van bedrijfsleiders”. Deze vergoedingen moeten beschouwd worden als vervangingsinkomsten, worden belast tegen het normale progressieve tarief en geven eventueel recht op een belastingvermindering.

Deze uitkeringen worden niet meegeteld voor de berekeningsbasis van de bijdragen. Er moeten binnen dit kader geen sociale bijdragen betaald worden voor de ontvangen uitkering.

Er zal een fiscale fiche 281.18 – vervangingsinkomsten – afgeleverd worden. Deze bedragen moeten vermeld worden onder de codes 1271/2271 van de aangifte.

Voor meewerkende partners is het bedrag van de financiële uitkeringen, ontvangen binnen het kader van het klassieke overbruggingsrecht, niet belastbaar en moet dus niet vermeld worden in de aangifte.

De tijdelijke ouderschapsuitkering

Indien u uw activiteiten heeft hervat maar u uw beroep maar beperkt kan uitvoeren door de zorg voor uw kinderen, dan heeft u kunnen genieten van de tijdelijke ouderschapsuitkering.

De uitkeringen die werden verkregen binnen het kader van de tijdelijke ouderschapsuitkering worden beschouwd als “vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijke derving van winsten, baten, bezoldigingen van werknemers of van bedrijfsleiders”. Deze moeten beschouwd worden als vervangingsinkomsten, worden belast tegen het normale progressieve tarief en geven eventueel recht op een belastingvermindering.

Deze uitkeringen worden niet meegeteld voor de berekeningsbasis van de bijdragen. Er moeten geen sociale bijdragen betaald worden voor de uitkering die binnen dit kader wordt ontvangen.

Er zal een fiscale fiche 281.18 – vervangingsinkomsten – afgeleverd worden. Deze bedragen moeten vermeld worden onder de codes 1271/2271 van de aangifte.

Voor de meewerkende partners wordt het bedrag van de financiële uitkeringen, ontvangen binnen het kader van de tijdelijke ouderschapsuitkering, niet belastbaar en moet dus niet vermeld worden in de aangifte.

 

De website van Partena Professional is een kanaal om informatie in een begrijpelijke vorm ter beschikking te stellen aan aangesloten leden en niet-leden.

Partena Professional streeft er naar actuele informatie aan te bieden en deze informatie wordt met de grootste zorg samengesteld (onder andere in de vorm van Infoflashes).

Maar aangezien de sociale en fiscale wetgeving voortdurend in beweging is, kan Partena Professional geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden inzake de juistheid, het up-to- date zijn of de volledigheid van de informatie die via deze website werd geraadpleegd of uitgewisseld.

Verdere bepalingen kunnen worden nagelezen in onze algemene disclaimer die van toepassing is bij elke raadleging van deze website. Door deze website te raadplegen, aanvaardt u uitdrukkelijk de bepalingen van deze disclaimer. Partena Professional kan de inhoud van deze disclaimer eenzijdig wijzigen.