Vrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor jonge werknemers (2019)

Auteur: Isabelle Caluwaerts
Datum:

De bezoldigingen van bepaalde jonge werknemers zijn in het vierde kwartaal van 2019 vrijgesteld van bedrijfsvoorheffing.

Om deze vrijstelling te genieten moeten drie voorwaarden vervuld zijn:

  1. Het moet gaan om een jonge werknemer die voldoet aan de bepalingen bedoeld in artikel 36, § 1, eerste lid, 1° tot 3° van het KB van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, dit wil zeggen:
  • niet meer onderworpen zijn aan de leerplicht;
  • bepaalde studies voleindigd hebben, meer bepaald studies met een volledig leerplan van de hogere of  lagere secundaire cyclus van het technisch-, kunst- of beroepsonderwijs, of een alternerende opleiding, of een getuigschrift hebben ontvangen voor het secundair onderwijs met beperkt leerplan;
  • alle activiteiten stopgezet hebben die opgelegd zijn door een studie-, leertijd- of opleidingsprogramma en door om het even welk programma van een studie met volledig leerplan.
  1. De jonge werknemer moet aangeworven zijn op basis van een arbeidsovereenkomst die aanvangt in oktober, november of december 2019. Voor een aanwerving in september geldt deze maatregel bijgevolg niet.
  2. Het maandelijks belastbare loon mag niet hoger zijn dan € 3.350.

De vrijstelling geldt vanaf de maand van aanwerving (oktober, november of december) tot het einde van het kalenderjaar 2019. Vanaf 1 januari 2020 moet er bedrijfsvoorheffing ingehouden worden op de bezoldigingen.

Bron: Koninklijk besluit van 7 december 2018 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de bedrijfsvoorheffing, B.S. 13 december 2018.