Vergoedingen voor lange buitenlandse dienstreizen: nieuwe bedragen vanaf 1 oktober 2017

Auteur: Peggy Criel
Datum:

De kosten die een werknemer (of bedrijfsleider) maakt tijdens een beroepsmatig verblijf in het buitenland van meer dan 30 kalenderdagen kunnen terugbetaald worden onder de vorm van een (niet-belastbare) dagelijkse forfaitaire vergoeding. De bedragen van deze dagelijkse forfaitaire vergoedingen die van toepassing zijn vanaf 1 oktober 2017 werden gepubliceerd.

1. Inleiding

De Fiscale Administratie neemt aan dat voor een beroepsmatig verblijf in het buitenland van meer dan 30 kalenderdagen, dagelijkse forfaitaire vergoedingen kunnen worden toegekend als terugbetaling van kosten gemaakt door de werknemer (of bedrijfsleider) en dat die van belastingen vrijgesteld kunnen worden.

2. Bedoelde werknemers

Dit stelsel is uitsluitend van toepassing op de personen die bezoldigingen verkrijgen als werknemer of bedrijfsleider.

3. Na te leven voorwaarden

De dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen die worden toegekend als terugbetaling van kosten gemaakt door de werknemer (of bedrijfsleider) tijdens een beroepsmatig verblijf in het buitenland van meer dan 30 opeenvolgende kalenderdagen worden beschouwd als kosten eigen aan de werkgever op voorwaarde dat:

  • het maximumbedrag van deze dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen niet meer bedraagt dan de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen vastgesteld per land voor de ambtenaren "op post" in het buitenland (zie landenlijst) van de FOD Buitenlandse Zaken, met dien verstande dat het bedrag van € 37,18 nog steeds mag worden toegepast. Als de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen hoger liggen dan de bedragen op deze lijst, moeten ze in principe beschouwd worden als belastbare bezoldigingen;
  • de toekenning of betaling van deze forfaitaire vergoedingen voor eenzelfde opdracht wordt beperkt tot maximum 24 maanden;
  • de toekenning of betaling wordt onderbroken in geval van definitieve vestiging van de werknemer (of bedrijfsleider) in het buitenland.

Het verblijf in het buitenland moet langdurig zijn, dit wil zeggen meer dan 30 opeenvolgende kalenderdagen (maar met een maximum van 24 maanden) voor eenzelfde opdracht met een beroepsmatig karakter. De door de werknemer (of bedrijfsleider) vrijwillig gemaakte verblijfsverlenging wordt niet meegeteld voor de berekening van die 30 dagen.

4. Aard van de verblijfsvergoeding

Het bedrag van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen wordt geacht de uitgaven te dekken voor maaltijden en kleine uitgaven.

Onder kleine uitgaven wordt onder meer verstaan het plaatselijk vervoer in het land van bestemming (bus, tram, metro, taxi), drank, versnaperingen, lokale telefoongesprekken en fooien.

De vergoedingen dekken noch de verblijfskosten, noch de verplaatsings- of reiskosten naar het buitenland en terug.

Wanneer de overnachtingskosten door de werkgever worden terugbetaald of ten laste worden genomen en deze ook bepaalde maaltijden of kleine uitgaven omvatten, moet het bedrag van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen worden verminderd met:

  • 15% voor het ontbijt;
  • 35% voor het middagmaal;
  • 45% voor het avondmaal;
  • 5% voor de kleine uitgaven.

5. Dagvergoeding

Het volledige bedrag van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoeding kan beschouwd worden als een niet-belastbare terugbetaling van kosten voor elke volle dag afwezigheid (dit is een dag tussen twee overnachtingen voor een opdracht in het buitenland).

Voor de dagen van vertrek en terugkeer van een verblijf in het buitenland moet het bedrag van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoeding door twee worden gedeeld. De hierboven vermelde verminderingen in de vorm van een % worden dan niet toegepast.

Bijzonderheden:

  • Wanneer de dienstreis in het buitenland plaatsvindt in verschillende landen zal het bedrag van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoeding gekoppeld aan de plaats van de laatste overnachting determinerend zijn voor het eerstvolgende etmaal.
  • Wanneer de werkgever maaltijdcheques toekent om de maaltijdkosten tijdens de buitenlandse verblijven te vergoeden, dan dient de tegemoetkoming van de werkgever in het bedrag van de maaltijdcheque (maximum € 6,91/maaltijdcheque – bedrag 2017) in mindering te worden gebracht van het bedrag van de forfaitaire verblijfsvergoeding.
  • De werkgever kan de toekenning van dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen niet combineren met de terugbetaling van maaltijdkosten en kleine uitgaven op basis van bewijsstukken.
  • De dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen mogen niet gecumuleerd worden met het voordeel dat wordt toegekend aan Belgische werknemers die tewerkgesteld worden in een land dat buiten Europa gelegen is en dat geen dubbelbelastingverdrag heeft gesloten met België. Dat voordeel bestaat uit een beroepskostenaftrek van 30%.

6. Landenlijst

In het Belgisch Staatsblad van 3 oktober 2017 is de lijst verschenen met, per land, de forfaitaire vergoedingen die gelden vanaf 1 oktober 2017.

De lijst kan geraadpleegd worden via deze link.

Bronnen: circulaire nr. Ci.RH.241/609.972 (AAFisc Nr.38/2013) van 10.10.2013; Ministerieel Besluit van 15 september 2017 houdende vaststelling van verblijfsvergoedingen toegekend aan afgevaardigden en ambtenaren afhangend van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse zaken, Buitenlandse handel en Ontwikkelingssamenwerking die zich in officiële opdracht naar het buitenland begeven of zetelen in internationale commissies, B.S. 3 oktober 2017. 

Auteur: Peggy Criel

05/10/2017