Uitbreiding van de fiscale lastenverlaging bij overwerk

Auteur: Peggy Criel
Datum:

Werknemers en werkgevers ontvangen een fiscale lastenverlaging bij het presteren van overwerk dat recht geeft op een wettelijke overwerktoeslag. Tot nu toe golden de fiscale voordelen voor de eerste 130 overuren van het belastbare tijdperk. Deze grens werd opgetrokken tot de eerste 180 overuren.

Fiscale voordelen bij overwerk

Bepaalde werkgevers genieten een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor sommige categorieën van werknemers die overuren presteren die recht geven op een wettelijke overwerktoeslag. Werknemers hebben op hun beurt recht op een belastingvermindering.

De vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing en de belastingvermindering is gelijk aan een bepaald percentage van de berekeningsgrondslag van de overwerktoeslag:

Percentage wettelijke overwerktoeslag

Percentage vrijstelling (voordeel werkgever)

Percentage vermindering (voordeel werknemer)

20 %

32,19 %

66,81 %

50 % of 100 %

41,25 %

57,75 %

Tijdelijke verhoging van de overurengrens

De fiscale voordelen voor het presteren van overwerk worden enkel toegekend voor de eerste 130 uren die de werknemers gedurende het belastbaar tijdperk als overwerk hebben gepresteerd. Deze grens wordt in 2019 en 2020 tijdelijk opgetrokken naar 180 uren.

De effecten op de arbeidsmarkt van de verhoging naar 180 uren zullen ten laatste tegen 30 juni 2020 worden geëvalueerd. Bij een positieve evaluatie kan de maatregel worden omgezet in een permanente maatregel.

Impact voor de vermindering van bedrijfsvoorheffing

Werknemers die in aanmerking komen voor de belastingvermindering genieten ook van een vermindering van bedrijfsvoorheffing. Opdat de verhoging van de overurengrens ook uitwerking vindt op niveau van de bedrijfsvoorheffing, is er nog een aanpassing van de wetgeving nodig.

Behoud van bestaande afwijkingen

De specifieke overurengrenzen die gelden in bepaalde sectoren blijven behouden:

  • 360 uur voor de horecasector op voorwaarde dat de werknemer tewerkgesteld wordt door een werkgever die in elke plaats van uitbating een geregistreerd kassasysteem gebruikt en dit kassasysteem heeft aangegeven bij de belastingadministratie in overeenstemming met de toepasselijke procedure;
  • 180 uur voor de sector van de werken in onroerende staat op voorwaarde dat de werknemer wordt tewerkgesteld bij een werkgever die gebruik maakt van een elektronisch aanwezigheidsregistratiesysteem op de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen.

Bron: Wet van 23 maart 2019 tot wijziging van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 voor wat betreft de fiscale bepalingen van de jobsdeal, B.S. 5 april 2019.