Provisie vakantiegeld 2017

Auteur: Peggy Criel
Datum:

De bedragen van de voorzieningen voor vakantiegeld 2017 die in de balansen op 31 december 2016 worden geboekt en die als beroepskosten kunnen worden aanvaard zijn bekend.

De voorzieningen voor het vakantiegeld 2017 kunnen als beroepskosten worden aanvaard in de mate dat zij niet meer bedragen dan:

  • 18,60 % van de vaste en veranderlijke bezoldigingen die in 2016 zijn toegekend aan bedienden die het voordeel van de wetgeving betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers genieten, verminderd met het aanvullend vakantiegeld dat in 2016 is toegekend (1). Er moet enkel rekening worden gehouden met de normale en periodieke bezoldigingen, met uitsluiting van het vakantiegeld en de eindejaarspremie. Door de daling van de werkgeversbijdragen in 2016 naar aanleiding van de taxshift, is het percentage gedaald met 0,2 % in vergelijking met vorig jaar;
  • 10,27 % van 108/100 van de lonen die in 2016 zijn toegekend aan arbeiders en leerlingen die het voordeel van diezelfde wetgeving genieten.

Opmerking: Het flexiloon en het flexivakantiegeld dat in 2016 werd toegekend aan flexi-jobwerknemers uit de horecasector wordt niet opgenomen in de berekeningsgrondslag. De werkgever moet immers het flexivakantiegeld samen met het flexiloon uitbetalen.

(1) Het betreft het vakantiegeld voor de dagen waarop bedienden aanvullende vakantie hebben genomen omdat zij bij aanvang of hervatting van de activiteit nog geen recht hadden op gewone vakantie. Dat aanvullende vakantiegeld stemt overeen met het gewone loon voor de genomen dagen aanvullende vakantie en wordt gefinancierd door een voorafname op het wettelijk dubbel vakantiegeld van het volgende jaar.

Bron: FOD Financiën

 

Auteur: Peggy Criel

04/05/2017