Ook het PC 142.02 (terugwinning van lompen) heeft zijn nationaal akkoord 2019-2020 afgesloten

Auteur: Leen Lafourt
Datum:

Op 26 juni 2019 sloten de sociale partners van dit paritair comité hun nationaal akkoord voor 2019 en 2020 af. Dit akkoord respecteert de maximale onderhandelingsenveloppe van 1,1 % in 2019 en 2020 zoals opgenomen in het KB van 19 april 2019.

Hieronder vindt u een kort overzicht van de belangrijkste onderwerpen van het sectorakkoord. Een gedetailleerde analyse staat in onze sectorale documentatie.

Bepalingen met een impact op het loon

Loonsverhoging

Vanaf 1 juli 2019 stijgen:

  • alle sectorale minimumuurlonen met 1,1 %;
  • alle effectieve bruto-uurlonen met 1,1 %. .

Aanvullende vergoeding bij tijdelijke werkloosheid

Vanaf 1 januari 2019 worden de aanvullende vergoedingen bij tijdelijke werkloosheid verhoogd met 0,5 EUR/dag tot 5,5 EUR/werkloosheidsdag.

Vanaf 1 januari 2020 worden de aanvullende vergoedingen bij tijdelijke werkloosheid nogmaals verhoogd met 0,5 EUR /dag tot 6 EUR/werkloosheidsdag.

De aanvullende vergoeding is ten laste van het Fonds.

Vervoerskosten

Vanaf 1 juli 2019 stijgt de fietsvergoeding van 1,20 EUR tot 1,40 EUR/effectieve gewerkte dag.

Werkzekerheid

Een werkgever met het voornemen om over te gaan tot ontslag om economische of technische redenen moet de voorziene meldings- en overlegprocedures respecteren.

In de ondernemingen zonder ondernemingsraad of syndicale delegatie moet de werkgever die wil overgaan tot ontslag om economische of technische redenen volgende informatie, minstens 1 maand vooraf, aan de regionale vakbonden bezorgen:

  • de reden;
  • het aantal betrokken arbeiders;
  • de lijst van afdelingen en arbeidsposten die getroffen worden;
  • de datum van de voorziene afdanking(en).

Alvorens een definitieve beslissing te nemen, moet de werkgever overleg plegen met de regionale vakbonden. Hierbij worden alle maatregelen onderzocht om ontslagen te vermijden.
In geval van betwisting over de naleving van bovenstaande bepalingen, kan de vakbond de voorzitter van het PsC met een onderzoek belasten. Indien er inderdaad wordt vastgesteld dat de werkgever heeft ontslagen in strijd met deze bepalingen, dan heeft de ontslagen werknemer recht op een éénmalige forfaitaire schadevergoeding van 1.250 EUR.
De werkgever moet deze forfaitaire vergoeding ook storten aan het “Sociaal Fonds voor de lompenbedrijven”.

Stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT)

Voor de periode van 1 januari 2019 tot 30 juni 2021 hebben de arbeiders van dit PC recht op:

  • SWT vanaf 59 jaar na 40 jaar loopbaan;
  • SWT vanaf 59 jaar na 33 jaar loopbaan, waarvan 20 jaar in een regeling van nachtarbeid;
  • SWT vanaf 59 jaar na 33 jaar loopbaan mits zwaar beroep;
  • SWT vanaf 59 jaar na 35 jaar loopbaan mits zwaar beroep;
  • SWT vanaf 58 jaar voor arbeiders met ernstige lichamelijke problemen en een beroepsloopbaan van minstens 35 jaar (enkel voor de periode 2019-2020).

De aanvullende vergoeding wordt volledig ten laste genomen door het Fonds voor bestaanszekerheid.
De arbeiders kunnen op hun vraag worden vrijgesteld van de verplichting om aangepast beschikbaar te zijn.

Tijdskrediet en landingsbanen

Halftijds en voltijds tijdskrediet met motief

Vanaf 1 september 2019 wordt het recht op halftijds en voltijds tijdskrediet uitgebreid tot:

  • 51 maanden voor het motief zorg;
  • 36 maanden voor het motief opleiding.

Landingsbaan met uitkeringen

Tot 31 december 2020 hebben werknemers met een lange loopbaan of zwaar beroep recht op:

  • 1/5de landingsbaan met uitkeringen vanaf 55 jaar;
  • halftijdse landingsbaan met uitkeringen vanaf 57 jaar.

Aanmoedigingspremies

De arbeiders die voldoen aan de voorwaarden van het Vlaams gewest kunnen gebruik maken van het systeem van aanmoedigingspremies voor:

  • zorgkrediet;
  • opleidingskrediet;
  • ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering.

Anciënniteitsdag

Vanaf 1 juli 2019 ontvangen de arbeiders:

  • 1 bezoldigde dag afwezigheid vanaf 10 jaar anciënniteit in de onderneming,
  • een 2de bezoldigde dag afwezigheid vanaf 15 jaar anciënniteit in de onderneming,
  • een 3de bezoldigde dag afwezigheid vanaf 20 jaar anciënniteit in de onderneming.

De werkgever kan de kost verhalen op het Sociaal Fonds.
 
Bron: CAO van 26 juni 2019 houdende nationaal akkoord (reg. nr. 152.833), geldig van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2020 (tenzij anders bepaald).