Hervatting van aangepast of ander werk: geen gewaarborgd loon in geval van arbeidsongeschiktheid

Auteur: Catherine Legardien
Datum:

In geval van arbeidsongeschiktheid tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk waarvoor de adviserend geneesheer van het ziekenfonds zijn fiat heeft gegeven, is de werkgever geen enkel loon verschuldigd.

Die maatregel, die tot doel heeft werkgevers aan te moedigen arbeidsongeschikte werknemers te re-integreren, is opgenomen in de wet van 20 december 2016 houdende diverse bepalingen inzake arbeidsrecht in het kader van arbeidsongeschiktheid (zie onze Infoflash van 2 januari 2017).

Die wet bekrachtigt een al bestaande administratieve praktijk van het RIZIV door die in het arbeidsrecht op te nemen. Daarnaast voorziet de wet sinds 9 januari 2017 in de toepassing van het principe in andere situaties.

Principe

In geval van arbeidsongeschiktheid ‘persoonlijke levenssfeer’ tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk waarvoor de adviserend geneesheer van het ziekenfonds zijn fiat heeft gegeven, is de werkgever geen enkel loon verschuldigd. De werknemer geniet een ongeschiktheidsuitkering die het ziekenfonds hem rechtstreeks stort.

Concreet ziet de situatie van de werknemer er als volgt uit:

  1. Eerst wordt hij volledig arbeidsongeschikt.
  2. Vervolgens gaat hij opnieuw aan de slag, waarbij hij, met de toelating van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds, aangepast of ander werk verricht.
  3. Tijdens die werkhervattingsperiode wordt hij opnieuw volledig arbeidsongeschikt.

Voor die tweede periode van volledige arbeidsongeschiktheid is zijn werkgever hem geen gewaarborgd loon verschuldigd. Hij heeft recht op een uitkering die rechtstreeks door zijn ziekenfonds wordt gestort.

Voorwaarden

De werkgever is geen enkel loon verschuldigd als de volgende twee voorwaarden zijn vervuld:

  • De adviserend geneesheer van het ziekenfonds heeft zijn fiat gegeven voor de hervatting van aangepast of ander werk;
  • De arbeidsongeschiktheid tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk is een arbeidsongeschiktheid ‘persoonlijke levenssfeer’.

Toelating van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds voor de hervatting van aangepast of ander werk

Om zijn professionele re-integratie te bevorderen kan een arbeidsongeschikte werknemer, als de werkgever akkoord gaat en de adviserend geneesheer van het ziekenfonds zijn fiat geeft, tijdelijk aangepast of ander werk hervatten.

Tijdens de periode van hervatting van aangepast of ander werk geniet de werknemer een ongeschiktheidsuitkering van het ziekenfonds. Die uitkering is, binnen welbepaalde grenzen, cumuleerbaar met het loon dat hij voor zijn beroepsactiviteit krijgt.

Concreet moet de arbeidsongeschikte werknemer die tijdelijk aangepast of ander werk wenst te hervatten die hervatting bij zijn ziekenfonds aangeven en een aanvraag tot toelating indienen bij de adviserend geneesheer van zijn ziekenfonds. In principe moet dat gebeuren uiterlijk op de werkdag die de werkhervatting onmiddellijk voorafgaat.

Sinds 1 januari 2017 is de werknemer vrijgesteld van het indienen van een dergelijke aanvraag tot toelating als de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer de adviserend geneesheer van het ziekenfonds een kopie heeft bezorgd van het re-integratieplan dat de werkgever heeft opgesteld in het raam van een re-integratietraject (zie onze Infoflash van 1 december 2016).

De adviserend geneesheer van het ziekenfonds onderzoekt of de voorwaarden voor de hervatting van aangepast of ander werk zijn vervuld. Hij baseert zich daarbij op het re-integratieplan of de aanvraag tot toelating die de werknemer heeft ingediend.

Ongeschiktheid ‘persoonlijke levenssfeer’

De arbeidsongeschiktheid tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk moet voortvloeien uit een ziekte of ongevalpersoonlijke levenssfeer’. Ze mag dus niet het gevolg zijn van een beroepsziekte of een arbeidsongeval (of een ongeval dat gebeurd is op de weg van of naar het werk).

Belangrijk! Het betreft hier elke arbeidsongeschiktheid ‘persoonlijke levenssfeer, ongeacht de oorzaak ervan. Ze moet dus niet noodzakelijk dezelfde oorzaak hebben als de oorzaak van de eerste arbeidsongeschiktheid.

Bedoelde situaties

De regel die bepaalt dat de werkgever geen enkel loon is verschuldigd bij een arbeidsongeschiktheid tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk waarvoor de adviserend geneesheer van het ziekenfonds zijn fiat heeft gegeven, werd vroeger al toegepast. Voorwaarde daarbij was wel dat het werk hervat werd bij dezelfde werkgever en na de periode van het door de werkgever verschuldigde gewaarborgd loon.

Sinds 9 januari 2017 heeft dat principe een meer algemene draagwijdte. Bij een arbeidsongeschiktheid ‘persoonlijke levenssfeer’’ tijdens een periode van hervatting van aangepast of ander werk waarvoor de adviserend geneesheer van het ziekenfonds zijn fiat heeft gegeven, moet aan de werknemer voortaan immers geen enkel loon worden betaald en stort het ziekenfonds rechtstreeks een ongeschiktheidsuitkering, ongeacht of de hervatting plaatsheeft:

  • bij dezelfde werkgever,
  • bij een andere werkgever,
  • na de periode van gewaarborgd loon dat de werkgever is verschuldigd of,
  • tijdens de periode van gewaarborgd loon dat de werkgever is verschuldigd of,

Voorbeeld: een werknemer wordt op 1 maart 2017 volledig arbeidsongeschikt. Hij hervat ander werk (bij dezelfde of een andere werkgever) - en heeft daarvoor de toelating van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds - op 15 maart 2017, m.a.w. tijdens de periode van 30 dagen gewaarborgd loon dat de werkgever moet betalen (op die datum is er nog een saldo van 16 dagen gewaarborgd loon). Tijdens de periode van hervatting van ander werk betaalt de werkgever hem loon voor het werk dat hij verricht en stort het ziekenfonds hem een uitkering, die, binnen welbepaalde grenzen, cumuleerbaar is met zijn loon. Op 20 april 2017 wordt hij opnieuw volledig arbeidsongeschikt. Hoewel het gewaarborgd loon niet werd uitgeput bij de eerste arbeidsongeschiktheid (op de datum van de hervatting van ander werd was er immers nog een saldo van 16 dagen gewaarborgd loon), zal de werknemer een uitkering krijgen van het ziekenfonds.

Bronnen: wet van 20 december 2016 houdende diverse bepalingen inzake arbeidsrecht, Belgisch Staatsblad van 30 december 2016; Communicatie RIZIV nr. 2017/1: neutralisatie van het gewaarborgd loon.

Auteur: Catherine Legardien

03/02/2017