Flexijobs – uitbreiding naar gepensioneerden

Auteur: Els Poelman
Datum:

Vanaf 1 januari 2018 zijn flexijobs permanent toegankelijk voor gepensioneerden, want ze moeten geen hoofdactiviteit meer bewijzen. Op die manier kunnen ze gemakkelijker een extra inkomen te verwerven.

De speciale situatie van gepensioneerden

Gepensioneerden moeten sinds 1 januari 2018 geen hoofdactiviteit meer bewijzen als ze een flexijob uitvoeren. Het pensioen op zich wordt beschouwd als een volwaardig sociaal statuut, waarvoor tijdens de loopbaan voldoende is bijgedragen.

Het schrappen van de hoofdactiviteit was noodzakelijk om flexijobs toegankelijk te maken voor gepensioneerden. Tot einde 2017 moest deze groep nog een 4/5e tewerkstelling bewijzen in elk derde voorafgaande kwartaal, zodat ze uit de boot vielen vanaf het derde kwartaal na hun pensionering.

Alle andere voorwaarden eigen aan flexijobs gelden evengoed voor gepensioneerden, zoals:

  • tewerkstelling enkel in de horeca en de detailhandel;
  • correcte en tijdige dimona;
  • raam- en arbeidsovereenkomst;
  • principes flexiloon en flexivakantiegeld;
  • geen cumul met een 4/5e tewerkstelling bij dezelfde werkgever;
  • aanwezigheidsregistratie;
  • enz…

Wie is “gepensioneerd”?

Elk soort pensioen in de eerste pensioenpijler komt in aanmerking:

  • pensioen als ambtenaar, werknemer, zelfstandige…
  • pensioen op wettelijke pensioenleeftijd, vervroegd pensioen…
  • rustpensioen, overlevingspensioen…
  • pensioen ten laste van een Belgische of een buitenlandse pensioeninstelling…

… maar met uitzondering van de overgangsuitkering (d.i. de tijdelijke uitkering aan de overlevende huwelijkspartner die niet de leeftijd heeft bereikt voor een overlevingspensioen).

Het statuut van gepensioneerde wordt gecontroleerd bij registratie van de dimona voor de flexijob.

In de praktijk krijgen twee groepen van de RSZ een positieve respons zonder evaluatie van de prestaties in het derde voorafgaande kwartaal:

  1. personen op wettelijke pensioenleeftijd = personen van minstens 65 jaar op het ogenblik van de (aanvang van de) flexijob. Voor deze groep volstaat de leeftijdsvoorwaarde: voor een flexijob zijn ze “gepensioneerd” zelfs ze hun wettelijk pensioen (nog) niet effectief opnemen;

  2. vervroegd gepensioneerden = personen jonger dan 65 jaar op het ogenblik van de (aanvang van de) flexijob. Deze personen moeten in het tweede voorafgaande kwartaal effectief aanwezig zijn als “gepensioneerde” in het pensioenkadaster.

Merk op!

De validatie via het pensioenkadaster van het tweede voorafgaande kwartaal zorgt voor een lacune in de regel dat de hoofdactiviteit wegvalt. Vervroegd gepensioneerden jonger dan 65 kunnen in de eerste twee kwartalen van hun pensionering geen beroep doen op het pensioenkadaster, en zullen een 4/5e tewerkstelling moeten bewijzen in het derde voorafgaande kwartaal om een flexijob te kunnen uitvoeren.

Voorbeelden

Persoon geboren op 1 oktober 1954 (wordt 65 op 1 oktober 2019) gaat met vervroegd pensioen vanaf 1 januari 2018. Tot de pensionering was er voltijdse tewerkstelling. Een flexijob is mogelijk vanaf het 1e kwartaal 2018, door de RSZ als volgt gevalideerd:

  • 1e kwartaal 2018: OK op basis van de tewerkstelling 2e kwartaal 2017;
  • 2e kwartaal 2018: OK op basis van de tewerkstelling 3e kwartaal 2017;
  • 3e kwartaal 2018: OK op basis van het pensioenkadaster 1e kwartaal 2018;
  • 4e kwartaal 2018: OK op basis van het pensioenkadaster 2e kwartaal 2018;
  • enz…

Persoon geboren op 1 oktober 1954 (wordt 65 op 1 oktober 2019) gaat met vervroegd pensioen vanaf 1 januari 2018. Tot de pensionering was er halftijdse tewerkstelling. Een flexijob is pas mogelijk vanaf het 3e kwartaal 2018, wegens de logica van de validatie:

  • 1e kwartaal 2018: niet OK wegens geen 4/5e tewerkstelling 2e kwartaal 2017;
  • 2e kwartaal 2018: niet OK wegens geen 4/5e tewerkstelling 3e kwartaal 2017;
  • 3e kwartaal 2018: OK op basis van het pensioenkadaster 1e kwartaal 2018;
  • 4e kwartaal 2018: OK op basis van pensioenkadaster 2e kwartaal 2018;
  • enz…

Impact op de toegelaten beroepsinkomsten

Gepensioneerden jonger dan de wettelijke pensioenleeftijd of met een onvolledige loopbaan mogen slechts beperkt bijverdienen. Het inkomen uit een flexijob wordt beschouwd als een beroepsinkomen en wordt dus meegerekend bij de evaluatie van de toepasselijke loongrenzen.

Bron: Wet van 16 november 2015 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken, zoals aangepast door de Programmawet van 25 december 2017 (BS 29 december 2017).

Auteur: Els Poelman

19/01/2018