Flexijobs – sociale zekerheid en fiscaliteit

Auteur: Els Poelman
Datum:

Het gunstig statuut van een flexijob blijkt vooral uit de sociale en fiscale behandeling: voor de werknemer een volledige vrijstelling, voor de werkgever een voordelige bijzondere bijdrage.

Sociale bijdragen

Volgende vergoedingen vallen buiten het loonbegrip in de sociale zekerheid:

  • het basis-flexiloon van (op 1 januari 2018) € 9,18/uur
  • alle extra vergoedingen die voor een gewone werknemer “bruto” zijn zoals premies, toeslagen, enz…
  • het flexi-vakantiegeld van 7,67%

De som van flexiloon en flexi-vakantiegeld samengesteld zoals hierboven wordt onderworpen aan:

  • werknemer: geen inhouding
  • werkgever: een bijzondere werkgeversbijdrage van 25%, steeds berekend op 100% van het flexiloon en -vakantiegeld. Deze bijdrage vervangt de gewone basis- én randbijdragen.

Extra vergoedingen die voor een gewone werknemer geen “bruto” zijn, worden niet onderworpen aan de bijzondere bijdrage van 25% en volgen de gewone behandeling eigen aan het voordeel (bv. tussenkomst woon-werkverkeer, privé gebruik bedrijfswagen…)

Flexijobs en bijdrageverminderingen

Er is geen recht op enige vermindering van de bijzondere bijdrage van 25%: geen structurele vermindering, geen doelgroep- of enige andere vermindering.

Als de flexijob bij dezelfde werkgever wordt gecombineerd met een gewone arbeidsovereenkomst (toegestaan indien minder dan 4/5e), tellen de prestaties en vergoedingen in de flexijob niet mee voor de berekening van de verminderingen toegekend aan de tewerkstelling onder arbeidsovereenkomst.

Voor de doelgroepvermindering eerste aanwervingen worden flexijobs beschouwd als aanwervingen. Ze openen desgevallend de eerste, tweede, derde, vierde, vijfde of zesde vermindering, terwijl ze zelf die vermindering niet (mogen) gebruiken.

Sociale rechten flexijob-werknemers

De prestaties in een flexijob komen in theorie in aanmerking voor de opbouw van rechten in de sociale zekerheid. In de praktijk is dit weinig relevant, omdat betrokkenen ofwel gepensioneerd zijn ofwel een hoofdactiviteit uitoefenen die al sociale rechten verzekert.

Fiscaliteit

De som van flexiloon en flexi-vakantiegeld, onderworpen aan de bijzondere werkgeversbijdrage van 25%, komt in aanmerking voor een fiscale gunstregeling. Er is geen onderwerping aan personenbelasting en geen inhouding bedrijfsvoorheffing.

Voor de werkgever zijn het globale flexiloon, het flexivakantiegeld en de bijzondere werkgeversbijdrage van 25% een aftrekbare beroepskost.

Ook fiscaal volgen de extra vergoedingen die voor een gewone werknemer geen “bruto” zijn, de gewone behandeling eigen aan het voordeel.

Voorbeeld

Tewerkstelling van 2 dagen van elk 7 uren in een flexijob. Stel dat de tewerkstelling krachtens een cao recht geeft op een toeslag van 10%.

  • vergoeding voor 14 uren prestatie: € 128,52 (= € 9,18 x 14)
  • toeslag: € 12,85 (= € 128,52 x 10%)
  • flexi-vakantiegeld: €   10,84 (= € 141,37 x 7,67%)
  • totale vergoeding: € 152,21

netto werknemer: € 152,21

loonkost werkgever                                                 

  • vergoeding: € 152,21
  • bijzondere bijdrage 25%: €   38,05 (= € 152,21 x 25%)    
  • totale loonkost werkgever: € 190,26

Bron: Wet van 16 november 2015 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken, zoals aangepast door de Programmawet van 25 december 2017 (BS 29 december 2017).

Auteur: Els Poelman

01/02/2018