Een loonsverhoging voor alle bedienden van het PC 200?

Auteur: Leen Lafourt
Datum:

Alles weten over het loonsverhoging van het PC200?

Download onze whitepaper

In onze infoflash van 19 juni 2019 informeerden wij u reeds uitgebreid over het ontwerp van sectorakkoord dat door de sectorale sociale partners van dit PC werd afgesloten. In uitvoering van dit ontwerp van sectorakkoord werden vervolgens verschillende CAO’s afgesloten, waaronder de CAO van 1 juli 2019 betreffende de koopkracht.

Deze CAO is opgebouwd uit 2 delen:

  • een algemene regeling, nl. een loonsverhoging van 1,1 % op 1 september 2019 of de toekenning van een alternatief voordeel;
  • een bijzondere regeling, nl. de toekenning van een Tijdelijke Jaarpremie die later wordt geïnjecteerd in een aanvullend pensioen.

De sectorale sociale partners willen de huidige koopkrachtverhoging immers ook aanwenden om aan de verplichtingen van de wet betreffende de aanvullende pensioenen (hierna WAP) tegemoet te komen die stelt dat er vanaf 1 januari 2025 geen onderscheid meer mag bestaan tussen het aanvullend pensioenplan voor arbeiders en bedienden die tot eenzelfde ondernemingsactiviteit of dezelfde beroepscategorie behoren.
Op het eerste zicht lijkt dit behoorlijk ingewikkeld, maar hieronder proberen wij het één en andere voor u te verduidelijken.

Algemene regeling

Starten doen we met de algemene regeling, die voorziet in een stijging van 1,1 % vanaf 1 september 2019 van:

  • de sectorale minimumlonen;
  • de reële bruto maandlonen.

Opmerking: Deze algemene regeling is sowieso van toepassing op de werkgevers die alleen bedienden tewerkstellen. Indien u zowel arbeiders als bedienden in dienst heeft, valt u mogelijks onder de bijzondere regeling (zie hieronder).

Ander voordeel

De ondernemingen kunnen ervoor kiezen om in plaats van deze loonsverhoging een nieuw, gelijkwaardig en recurrent voordeel toe te kennen.

Als u kiest voor de omzetting, is het belangrijk om voor ogen te houden dat u, als werkgever, geen voordeel mag halen uit deze beslissing. Dit wil zeggen dat de kost voor de periode van 1 september 2019 tot 31 december 2020 identiek moet zijn als wanneer u de lonen van uw werknemers met 1,1 % laat stijgen. U zal bij de omzetting dus rekening moeten houden met de bruto en patronale RSZ, het dubbel vakantiegeld en de eindejaarspremie.

Opgelet: U kan de loonsverhoging van 1,1 % niet vervangen door een niet-recurrent resultaatsgebonden voordelen (cao nr. 90), aangezien het hier om een onzeker voordeel gaat.

Bijzondere regeling

Toepassingsgebied

De bijzondere regeling is van toepassing op de bedienden van werkgevers die op 1 september 2019 aan alle onderstaande voorwaarden voldoen:

  • zowel bedienden als arbeiders tewerkstellen in dezelfde ondernemingsactiviteit (art. 14/4 WAP);
    Opmerking: Ondernemingsactiviteit = toepassingsgebied van het PsC voor arbeiders[1].
  • waarbij de arbeiders genieten van een sectoraal aanvullend pensioen of een aanvullend pensioen op ondernemingsvlak op grond van een opting out of buiten toepassingsgebied;
  • én die geen of een minder gunstige aanvullende pensioenregeling hebben voor de bedienden.

Tijdelijke jaarpremie

Wanneer u onder de bijzondere regeling valt en uw werknemers boven het sectorale minimumloon worden uitbetaald, kent u geen loonsverhoging toe. Deze wordt vervangen door een tijdelijke jaarpremie en een eenmalige premie, waarbij:

  • Tijdelijke jaarpremie betaalbaar in december 2020 = brutomaandloon van november x (1,1 % x 13,92).
    De tijdelijke jaarpremie wordt toegekend aan de bedienden in dienst op 1 september 2019 met een volledige referteperiode (van 1 januari tot 31 december).
  • Eenmalige premie betaalbaar in december 2019 = brutomaandloon van november 2019 x (1,1 % x 5).
    De eenmalige premie wordt toegekend aan de bedienden in dienst op 1 september 2019, pro rata de prestaties geleverd gedurende de referteperiode van 1 september 2019 tot 31 december 2019.
    Deze eenmalige premie wordt toegekend om de periode van 01.09.2019 tot 31.12.2019 te dekken, gedurende dewelke de loonsverhoging reeds werd toegekend.

Ondertussen hebben de sociale partners van het spiegel-PC de tijd tot 31 december 2022 om een CAO aanvullend pensioen voor de bedienden af te sluiten. En vermijdt u als werkgever het risico dat u bovenop de toegekende loonsverhoging, nog een budget dient vrij te maken om te voorzien in een aanvullend pensioen voor uw bedienden.

Effectieve en gelijkgestelde dagen

De tijdelijke jaarpremie wordt toegekend pro rata de effectieve en gelijkgestelde dagen tijdens de referteperiode.

De gelijkgestelde dagen =

  • schorsingen van de arbeidsovereenkomst waarvoor loon is betaald;
  • vaderschapsverlof;
  • moederschapsverlof.

Bedienden betaald aan het minimumbarema

De Tijdelijke Jaarpremie en de eenmalige premie zijn niet van toepassing op de bedienden die op 31 augustus 2019 aan het minimumbarema worden betaald.

Concreet voorbeeld

Een werknemer klasse D met 9 jaar ervaring heeft recht op een sectoraal minimumloon van 2.384,72 EUR, echter wordt door de werkgever boven barema betaald en ontvangt een loon van 2.500 EUR. De bijzondere regeling kan dus worden toegepast. Hoeveel bedraagt de Tijdelijke jaarpremie?

Tijdelijke jaarpremie = 2.500 EUR x 15,31 % = 382,75 EUR

Zelfde situatie, maar deze werknemer was gedurende de referteperiode 2 maand afwezig wegens ziekte. In dit geval moet de Tijdelijke jaarpremie geproratiseerd worden. Immers de 2de maand afwezigheid, niet gedekt door het gewaarborgd loon, is niet gelijkgesteld voor de berekening van de premie.

Tijdelijke jaarpremie = (2.500 EUR x 15,31 %) x 11/12 = 350,85 EUR.

Sectoraal aanvullend pensioen

Ondertussen moeten de sociale partners van de ondernemingsactiviteit zo snel mogelijk een collectieve arbeidsovereenkomst betreffende het sectorale aanvullende pensioen afsluiten voor de bedienden. Nadat dit gebeurd is, kan, vanaf 1 januari 2021 (en ten laatste op 1 januari 2025) de Tijdelijke Jaarpremie gebruikt worden voor het aanvullend pensioenstelsel. De betaling van de Tijdelijke Jaarpremie stopt sowieso van zodra de CAO in werking treedt.

Indien er op 31 december 2022 geen CAO betreffende sectoraal aanvullend pensioen werd afgesloten voor de betrokken ondernemingsactiviteit, gebruikt de werkgever het budget van de Tijdelijke Jaarpremie voor een aanvullend pensioen op ondernemingsniveau.

Conclusie

Niet alle werknemers van het PC 200 zullen hun loon dus zien stijgen:

  • Werknemer betaald aan het sectorale minimumloon → stijging met 1,1 % vanaf 01.09.2019.
  • Werknemer betaald boven het sectorale barema → reëel loon kan stijgen met 1,1 % vanaf 01.09.2019, tenzij toekenning van een alternatief voordeel.
  • Werknemer in dienst van een werkgever met arbeiders tewerkgesteld in één van de spiegel PC’s én waarvan de bedienden boven barema worden betaald -> toekenning van een tijdelijke jaarpremie.

Twijfelt u of u onder de bijzondere regeling valt? Dan raden wij u aan om alsnog de Tijdelijke Jaarpremie toe te kennen en niet te opteren voor een loonsverhoging of alternatief voordeel.

Bron: CAO van 1 juli 2019 gesloten in het aanvullend paritair comité voor de bedienden betreffende de koopkracht in het kader van het KB van 19 april 2019 tot uitvoering van art. 7 § 1 van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen (reg. nr. 152.849), in werking op 1 januari 2019 voor onbepaalde duur.

[1]Het betreft: PsC 102.01, PsC 102.03, PsC 102.06, PsC 102.07, PsC 102.09, PsC 106.02, PC 112, PC 113, PsC 113.04, PC 114, PC 116 (betreffende groothandel in geneesmiddelen), PC 121, PC 124, PC 126, PC 127, PC 130, PC 132, PC 139, PsC 140.01, PsC 140.05, PsC 142.01, PC 143, PC 144, PC 145, PsC 149.01, PsC 149.02, PsC 149.03, PsC 149.04