De wet betreffende werkbaar en wendbaar werk - De ‘vrijwillige’ overuren

Auteur: Brigitte Dendooven
Datum:

De invoering van een nieuw stelsel van overuren, de ‘vrijwillige’ overuren, is een van de vernieuwende en essentiële maatregelen van de wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk.

Een ‘sleutelmaatregel’ op het vlak van flexibiliteit.

De overuren: twee stelsels sinds 1 februari 2017

Een nieuw stelsel van overuren (nieuw artikel 25bis van de arbeidswet van 16 maart 1971) vult het bestaande stelsel van overuren aan.

Sinds 1 februari 2017 bestaan er twee stelsels van overuren naast elkaar:

  • het stelsel van de ‘klassieke’ overuren;
  • het stelsel van de ‘vrijwillige’ overuren.

Het stelsel van de ‘klassieke’ overuren

De arbeidswet van 16 maart 1971 bepaalt verschillende omstandigheden waarin overuren kunnen worden gepresteerd, dit wil zeggen uren die de normale grenzen van de arbeidstijd overschrijden.

Deze omstandigheden worden beperkend opgesomd. Het gaat om de buitengewone vermeerdering van werk, een onvoorziene noodzakelijkheid, een voorgekomen of dreigend ongeval, dringende arbeid aan machines of materieel.

Deze overuren mogen pas worden gepresteerd nadat de werkgever bepaalde formaliteiten heeft vervuld. Hij moet in principe het voorafgaand akkoord van het Toezicht op de Sociale Wetten en van de vakbondsafvaardiging bekomen en het gepresteerde aantal overuren meedelen aan de subregionale dienst voor tewerkstelling.   

Deze uren geven recht op een inhaalrust en/of de betaling van het wettelijke overloon voorzien door artikel 29 van de wet van 16 maart 1971, d.w.z. 50% voor de overuren gepresteerd in de loop van de week en 100% voor de overuren gepresteerd op zondag of een feestdag.

Het stelsel van de ‘vrijwillige’ overuren

Principe

Sinds 1 februari 2017 kan de werknemer maximum 100 overuren per kalenderjaar presteren. Een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst die verplicht verbindend is verklaard bij Koninklijk Besluit kan deze grens optrekken naar (maximum) 360 uur.

De werknemer mag niet meer dan 11 uur per dag en 50 uur per week presteren.

Zowel de werknemers die voltijds werken als de werknemers die deeltijds werken komen in aanmerking.

Dubbele vrijwilligheid - Individuele onderhandeling

Deze uren mogen enkel op initiatief van de werknemer en met zijn akkoord worden gepresteerd en op voorwaarde dat de werkgever ze wenst te laten presteren.

De werknemer moet vrijwilliger zijn en zijn akkoord moet schriftelijk vastgesteld worden voor een hernieuwbare duur van 6 maanden.

Dit akkoord moet uitdrukkelijk en op voorhand worden afgesloten vóór de bedoelde periode.

De wet bepaalt niet de vorm van het akkoord, noch de inhoud ervan. Het akkoord kan bijgevolg de vorm aannemen van een e-mail, een bijlage, een overeenkomst. Het mag wel niet mondeling gebeuren.

Een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst die uiterlijk op 31 januari 2017 werd neergelegd bij de griffie van de FOD Werk kan afwijken van deze geldende bepalingen.

Er is geen aanvraag tot toestemming op voorhand of controle achteraf. Geen motivering.

Alles wordt op individuele basis onderhandeld.

Geen recuperatie - Overlonen

In tegenstelling tot de ‘klassieke’ overuren moeten deze uren niet worden gerecupereerd.

Ze geven recht op de betaling van een overloon waarin voorzien wordt door het artikel 29 van de wet van 16 maart 1971. Deze kunnen eveneens bewaard worden in de loopbaanrekening.

Overuren en arbeidstijd

De ‘vrijwillige’ overuren worden niet in aanmerking genomen voor de berekening van de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur.

De eerste 25 (of maximum 60 indien voorzien in collectieve arbeidsovereenkomst in de sector) ‘vrijwillig’ gepresteerde overuren tellen niet mee voor de berekening van de interne grens van 143 uur.

Vergelijking van de twee stelsels

De ‘klassieke’ overuren

De ‘vrijwillige’ overuren

Procedure

Ja

Akkoord/informeren van de vakbondsafvaardiging en de dienst Toezicht op de Sociale Wetten

Mededeling aan de RVA

Nee - Individueel akkoord

Motivering

Ja – Exclusief in de situaties opgesomd door de wet van 16 maart 1971

Nee

Aantal

-           

100u (360u)

Recuperatie

Ja maar uitzonderingen

Nee

Wettelijke overlonen

Ja

Ja

Grenzen

11u/dag en 50u/week

11u/dag en 50u/week

Berekening van de gemiddelde wekelijkse duur (opgenomen in de berekening)

Ja maar afwijkingen

Nee

Berekening van de interne grens (opgenomen in de berekening)

Ja

Ja, met uitzondering van de eerste 25 (60) uren

Werken buiten de roosters van het arbeidsreglement

Ja

Ja

Bewaard in de loopbaanrekening

Enkel de overuren die de werknemer niet noodzakelijk moet recupereren (art. 26bis, § 2bis van de wet van 16 maart 1971)

Ja

Bron: artikels 4, 5, 7 en 34 van de wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk, B.S. 15 maart 2017.

Voor informatie in verband met de andere maatregelen, zie hier voor een compleet overzicht

Auteur: Brigitte Dendooven

17/03/2017