De mentorenopleiding geeft voortaan recht op betaald educatief verlof

Auteur: Filip Borgers
Datum:

Sedert 1 januari 2013 geeft ook de mentorenopleiding recht op betaald educatief verlof. De regering nam diverse maatregelen om de jongeren beter af te stemmen op de arbeidsmarkt. Naast de vermindering van de patronale R.S.Z.-bijdragen wordt het betaald educatief verlof ook opengesteld voor de mentorenopleiding.

De mentor is een persoon die instaat voor de opleiding en begeleiding van jongeren die hun eerste stappen zetten op de werkvloer. Niet alle werknemers kunnen optreden als mentor. Opdat een werknemer zou kunnen optreden als mentor dient de betrokken werknemer voorafgaandelijk een mentoropleiding te volgen of een ‘meesterproef’ af te leggen.

Onder bepaalde voorwaarden zal de mentoropleiding recht geven op betaald educatief verlof.

Opdat een werknemer in dit kader recht zou hebben op betaald educatief verlof moeten zowel de voorwaarden met betrekking tot de opleiding (1.1.) als in hoofde van de werknemer zijn voldaan (1.2.)

1.1. Voorwaarden met betrekking tot de opleiding

Voor zover de mentorenopleiding voldoet aan alle wettelijke voorwaarden geeft deze opleiding recht op betaald educatief verlof. Zo moet de mentorenopleiding onder meer voldoen aan de volgende voorwaarden:

  1. de opleiding heeft tot doel de werknemers (mentoren in opleiding) vaardigheden bij te brengen op het vlak van begeleiding, coaching en opleiding van personen die een opleiding op de werkvloer krijgen;
  2. de opleiding leert de mentor in opleiding technieken aan inzake het opstellen van een opleidingsplan, het geven van instructies, afdoende communiceren en te evalueren;
  3. de opleiding wordt verstrekt door of op initiatief van een opleidingsinstelling ingericht of erkend door de bevoegde autoriteiten of een sectoraal opleidingsfonds.

1.2. Voorwaarden in hoofde van de betrokken werknemer

Naast de voorwaarden welke worden gesteld aan de opleiding zelf, moeten ook de voorwaarden in hoofde van de betrokken werknemer zijn vervuld. In beginsel heeft slechts een werknemer tewerkgesteld op basis van een voltijdse arbeidsovereenkomst (ten minste 4/5detijds) recht op betaald educatief verlof.

Bij wijze van uitzondering gelden afwijkende regels voor het volgen van een algemene of beroepsopleiding. De mentorenopleiding wordt in dit kader beschouwd als een beroepsopleiding. Op die manier hebben ook volgende werknemers recht op betaald educatief verlof:

  • de werknemers die werken op basis van een variabel uurrooster en een mentorenopleiding volgen tijdens of buiten het normale uurrooster;
  • de werknemers die ten minste halftijds werken op basis van een vast werkrooster en tijdens de arbeidsuren een mentorenopleiding volgen.

Ook hier geldt de regel dat het betaald educatief verlof gelijk is aan het aantal gevolgde opleidingsuren. Jaarlijks mag de duur van het betaald educatief verlof een bepaalde drempel niet overschrijden die wordt bepaald op basis van het type opleiding. Men onderscheidt: 1) de beroepsopleiding, 2) algemene opleiding en 3) taalopleiding.

Ook voor het bepalen van de jaarlijkse drempel wordt de mentorenopleiding beschouwd als een beroepsopleiding. Bijgevolg zijn volgende drempels van toepassing:

Opleidingen gevolgd buiten het normale arbeidsrooster

Opleidingen samenvallend met het normale arbeidsrooster

Mentoropleiding

100u

120u

Mentoropleiding + algemene opleiding

100u

120u

N.B.: In tegenstelling tot de andere opleidingen moet de mentorenopleiding niet minstens 32u opleiding bevatten om recht te geven op betaald educatief verlof.

Deze bepalingen zijn in werking getreden op 1 januari 2013.

Bron: Koninklijk besluit tot wijziging van de herstelwet houdende sociale bepalingen van 22 januari 1985, wat betreft de lijst van opleidingen die in aanmerking komen voor de toekenning van het betaald educatief verlof en tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 juli 1985 tot uitvoering van afdeling 6 – toekenning van betaald educatief verlof in het kader van de voortdurende vorming van de werknemers – van hoofdstuk IV van de herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen, 11 februari 2013, B.S. 25.03.2013, p. 18.484.

Auteur: Filip Borgers

18/04/2013