De betaling van het loon: het einde van de betaling in geld?

Auteur: Brigitte Dendooven
Datum:

Op haar zitting van 26 mei ll. heeft de Nationale Arbeidsraad een advies uitgebracht over de aanpassing van de Loonbeschermingswet van 12 april 1965 en in het bijzonder over de afschaffing van de mogelijkheid om het loon van hand tot hand te betalen.

De gelegenheid bij uitstek om enkele (huidige) verplichtingen en regels te overlopen die nageleefd moeten worden met betrekking tot de betalingswijze van het loon.

Het loon van de werknemers geniet een bijzondere bescherming; enerzijds wordt deze bescherming in het algemeen verzekerd door de Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978 en anderzijds meer specifiek door de Loonbeschermingswet van 12 april 1965.

De werknemer heeft recht op het loon dat hem verschuldigd is; dit recht op betaling van het loon heeft betrekking op het loon, vóór de verrekening van de inhoudingen bedoeld in het artikel 23 van de wet van 12 april 1965.

Dit loon moet betaald worden op de wijze, tijd en plaats zoals is overeengekomen (art. 20 van de Arbeidsovereenkomstenwet van 3 juli 1978).      

Bovendien is het de werkgever verboden de vrijheid van de werknemer om naar goeddunken over zijn loon te beschikken, op enigerlei wijze te beperken.

Betaling in geld – Huidige bepalingen

Indien de werknemer zijn activiteit in België uitoefent, moet het loon in geld worden uitbetaald in de munt die in België wettelijk is. Indien de werknemer daarentegen zijn activiteit uitoefent in het buitenland, zal de betaling, naargelang zijn keuze, geheel of gedeeltelijk gebeuren in de wettelijke Belgische munt of in de wettelijke munt van het land waarin hij zijn activiteit uitoefent      

De uitbetaling van het loon in geld gebeurt hetzij van hand tot hand (in cash), hetzij ofwel in giraal geld.

Voor de werknemers die tewerkgesteld zijn in de privésector wordt de beslissing om het loon in geld uit te betalen hetzij van hand tot hand hetzij in giraal geld genomen:

  • door de ondernemingsraad;
  • bij ontstentenis van een ondernemingsraad of een eenparige beslissing, tussen de werkgever en de vakbondsafvaardiging of, bij ontstentenis van een vakbondsafvaardiging, tussen de werkgever en de meerderheid van de werknemers;
  • bij ontstentenis van een akkoord met de meerderheid van het personeel gebeurt de betaling in giraal geld met de schriftelijke toestemming van elke werknemer afzonderlijk; bij ontstentenis van dit individueel akkoord gebeurt de betaling van hand tot hand.

Wanneer er geen collectief akkoord bereikt werd op het niveau van de onderneming, betekent dit dat het loon enkel in giraal geld betaald mag worden indien de individuele werknemer hier schriftelijk mee akkoord gaat. Zonder dit akkoord moet de betaling van hand tot hand gebeuren.   De hierboven bedoelde beslissingen en akkoorden moeten de betalingswijze die van toepassing zijn in de onderneming, de modaliteiten en de termijnen van de verandering van de uitbetalingswijze vermelden.

De betaling van hand tot hand

Indien de betaling van het loon van hand tot hand gebeurt, dient de werkgever een kwitantie van betaling ter ondertekening door de werknemer voor te leggen.  

De werkgever moet het bewijs van deze betaling kunnen leveren. Kan hij dit niet, dan loopt hij het risico dat hij bij betwisting of kwade trouw van de werknemer een tweede keer moet betalen.

De wet van 12 april 1965 bepaalt evenwel niet nader hoelang deze kwitanties bewaard moeten worden maar het is raadzaam voor de werkgever om ze te bewaren gedurende een periode van ten minste 5 jaar na de betaling van het loon. Deze periode stemt overeen met de minimale verjaringstermijn van een burgerlijke vordering en/of strafvordering.

Behoudens het akkoord van de partijen, dient de betaling van het loon van hand tot hand te gebeuren op de arbeidsplaats of in de buurt van deze arbeidsplaats.        

De betaling in giraal geld

Bij betaling van het loon in giraal geld, zal de betaling gebeuren volgens de bepalingen waarin het koninklijk besluit houdende nadere regelen betreffende de uitbetaling van het loon in giraal geld en de overdracht van of het beslag op het tegoed van de bank- of de postcheckrekening waarop het loon van de werknemer wordt overgeschreven.

Dit betekent per:  

  • postassignatie;
  • circulaire cheque;
  • overschrijving op een bank- of de postcheckrekening.

Bij betaling van het loon in giraal geld heeft de werknemer in ieder geval het recht te kiezen voor een betaling door middel van een postassignatie of een circulaire check, eerder dan door middel van een overschrijving op een bank- of postcheckrekening.

Het bewijs van betaling in giraal geld wordt ambtshalve opgesteld door de rekeningafschriften of door het strookje van de postassignatie.

Het loon wordt beschouwd als niet uitbetaald wanneer dit is gebeurd met overtreding van de hogervermelde bepalingen.

Opmerkingen

Wanneer het loon van de werknemer vatbaar is voor beslag of overdracht, wordt een bepaald gedeelte van dit loon beschermd en dit tot zekere grenzen.

Het beschermde gedeelte van het loon kan verder gestort worden op de zichtrekening van de werknemer. De gecrediteerde bedragen op deze rekening worden verondersteld gedeeltelijk onvatbaar voor beslag of overdracht te zijn en zullen tijdelijk beschermd blijven. Deze bedragen moeten evenwel van een code worden voorzien zodat ze onmiddellijk kunnen worden geïdentificeerd (traceerbaarheid).

Het beschermde gedeelte van het loon kan uiteraard op vraag van de werknemer verder van hand tot hand, met een postassignatie of met een circulaire cheque worden betaald.

Als de werknemer een illegaal verblijvende onderdaan van een derde land is (land dat geen deel uitmaakt van de Europese Unie of land dat niet opgenomen is in het Schengenakkoord), bedoeld in de wet van 11 februari 2013 tot vaststelling van sancties en maatregelen voor werkgevers van illegaal verblijvende onderdanen van derde landen en zijn postadres en gegevens betreffende zijn bank- of postchequerekening zijn onbekend voor de werkgever, maakt laatstgenoemde, door middel van een overschrijving, het loon dat hij nog niet heeft betaald, over op de postcheque-rekening van de Deposito- en Consignatiekas.De post- of banktaks mag niet worden afgetrokken van het loon.

Het wetsvoorstel en het advies van de Nationale Arbeidsraad

Het wetsvoorstel voorgelegd aan het advies van de Nationale Arbeidsraad wil de mogelijkheid om het loon van hand tot hand uit te betalen in cash afschaffen met als doel te vermijden dat een gedeelte van het loon in het zwart zou betaald worden en men daardoor zou ontsnappen aan de betaling van bedrijfsvoorheffing en patronale werknemersbijdragen.

De betaling van het loon zou dan in principe enkel nog in giraal geld gebeuren.

Hierdoor zou de verplichting vervallen om een kwitantie van betaling op te stellen.

De Nationale Arbeidsraad stemt in met dit principe maar wenst hiervoor een bepaalde autonomie aan de sectoren toe kennen.

Concreet:

  • Bestaat in de sector geen afspraak inzake het uitbetalen van het loon van hand tot hand, dan zal dit na de invoering van het principieel verbod op uitbetaling van het loon van hand tot hand, slechts mogelijk zijn indien dit in een formeel sectoraal akkoord wordt opgenomen.
  • Bestaande sectorale akkoorden die de uitbetaling van hand tot hand van het loon in hun sector mogelijk maken, zullen gedurende hun looptijd verder geldig blijven en dienen gerespecteerd te worden. Deze dienen dus niet heronderhandeld te worden. Na afloop van hun looptijd, dienen de sociale partners van de betrokken sectoren te bekijken of zij de uitbetaling van het loon van hand tot hand in hun sector wensen te behouden door dit op te nemen in een nieuw formeel sectoraal akkoord.  

Bestaande impliciete akkoorden of gebruiken in de sectoren die uitgaan van een betaling van het loon van hand tot hand kunnen bovendien behouden blijven onder bepaalde voorwaarden:

  • Een van de leden van het paritair comité dient het impliciet akkoord of het gebruik, met een beschrijving ervan, ter kennis te brengen aan het paritair comité. Deze kennisgeving kan gebeuren tot uiterlijk 1 jaar na de aanpassing van de wet van 12 april 1965.
  • Vanaf deze kennisgeving hebben de andere leden van het paritair comité 6 maanden de tijd om een formele, gemotiveerde negatieve reactie aan het paritair comité te bezorgen ten aanzien van het ter kennis gebrachte impliciete akkoord of gebruik.
  • Indien zo’n formele, gemotiveerde negatieve reactie door het paritair comité wordt ontvangen binnen voormelde termijn, wordt zo’n reactie beschouwd als het opzeggen van het impliciet akkoord of het afwijzen van het bestaan van het gebruik in de sector en zal geen uitbetaling van loon van hand tot hand meer mogelijk zijn in de sector, tenzij dit wordt opgenomen in een formeel sectoraal akkoord.
  • Indien er geen formele, gemotiveerde negatieve reactie door het paritair comité wordt ontvangen binnen voormelde termijn of wanneer er een akkoord is binnen het paritair comité, volgt een registratie door het paritair comité van het ter ken-nis gebrachte impliciete akkoord of gebruik in een openbaar register, zodat de ondernemingen van de sector en de sociaal inspecteurs van de sector hier kennis kunnen van nemen.
  • Een op dergelijke wijze geregistreerd impliciet akkoord of gebruik in de sector kan blijven bestaan tot een van de leden van het paritair comité een formele, gemotiveerde negatieve reactie aan het paritair comité bezorgt waardoor het impliciet akkoord wordt opgezegd of het bestaan van het gebruik in de sector wordt afgewezen, tenzij dit wordt opgenomen in een formeel sectoraal akkoord.

De Raad vraagt dat deze principes zouden ingeschreven worden in de wet van 12 april 1965 teneinde de rechtszekerheid voor alle actoren te verzekeren.

Bronnen:Loonbeschermingswet van 12 april 1965; Advies nr. 1939 van de Nationale Arbeidsraad van 26 mei 2015.

Auteur: Brigitte Dendooven

08/07/2015