Corona: ‘studentenarbeid’ telt niet mee in het 2e kwartaal

Auteur: Catherine Legardien (Legal Expert)
Datum:

Volgens de tussentijdse administratieve instructies van de RSZ 2020/1 zullen de uren die als student worden gewerkt van 1 april tot 30 juni 2020 niet worden meegeteld in het jaarlijkse contingent van 475 uren. De bedoeling van deze maatregel is om studenten aan te moedigen om ondernemingen die op volle sterkte draaien, zoals de supermarkten, te komen versterken.

Contingent van 475 uren: wat is dat?

Het aantal uren tewerkstelling waarvoor op het loon van de student geen gewone socialezekerheidsbijdragen moeten worden berekend, maar alleen een solidariteitsbijdrage bedraagt maximaal 475 uren per kalenderjaar (dit wil zeggen van 1 januari tot 31 december). Dit contingent van 475 arbeidsuren kan vrij verdeeld worden over het volledige kalenderjaar bij één of meerdere werkgevers. Er geldt trouwens één enkele solidariteitsbijdrage (8,14%).

Om geen gewone socialezekerheidsbijdragen te moeten betalen op het loon voor de eerste 475 arbeidsuren van een kalenderjaar moet aan volgende voorwaarden voldaan worden:

  • de student moet tewerkgesteld zijn krachtens een studentenovereenkomst;
  • de student moet tewerkgesteld zijn tijdens de periodes van niet-verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstellingen.
  • er moet tijdig een geldige Dimona-aangifte ‘student’ (STU) worden uitgevoerd, namelijk ten laatste op de dag waarop de prestaties aanvangen.

Nieuw: neutralisatie van de gewerkte uren in het 2e kwartaal

De uren die als student (onder Dimona ‘STU’) werden gewerkt in het 2e kwartaal 2020 (van 1 april tot 30 juni 2020) worden geneutraliseerd. Deze uren worden met andere woorden niet afgetrokken van het quotum van 475 uren.

Deze neutralisering van de gewerkte uren in het 2e kwartaal heeft betrekking op alle sectoren.

Bovendien wordt op het loon voor deze geneutraliseerde uren enkel een solidariteitsbijdrage ingehouden, mits aan alle bovengenoemde voorwaarden is voldaan.

Deze maatregel uit de administratieve instructies RSZ – 2020/1 moet het voorwerp uitmaken van een reglementaire aanpassing die nog in het Belgisch Staatsblad moet verschijnen.

Bron: Tussentijdse administratieve instructies RSZ – 2020/1.