Aanpassing Vlaamse taaldecreet naar aanleiding van Europese rechtspraak

Auteur: Peggy Criel
Datum:

Op 16 april 2013 oordeelde het Europees Hof van Justitie dat het Vlaamse taaldecreet dat het gebruik van de talen voor de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en de werknemers regelt, het vrij verkeer van werknemers schendt. Naar aanleiding van deze uitspraak wordt het veertig jaar oude Vlaamse taaldecreet aangepast.

Het Vlaamse taaldecreet is van toepassing op alle werkgevers en op alle ondernemingen (natuurlijke personen en rechtspersonen) met een exploitatiezetel in het Nederlandse taalgebied. De te gebruiken taal voor de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en de werknemers, alsook voor de wettelijk voorgeschreven akten en bescheiden van deze ondernemingen is het Nederlands.

Alle sociale documenten zoals arbeidsovereenkomsten, loonafrekeningen, vakantieattesten moeten dus in het Nederlands worden opgesteld. Is dat niet het geval dan zijn deze documenten nietig (het betreft hier een absolute nietigheid), zonder evenwel nadeel te berokkenen aan de werknemer.

Zoals toegelicht in onze infoflash van 26 april 2013 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat het Vlaamse taaldecreet op bepaalde punten een inbreuk inhoudt op het vrij verkeer van werknemers binnen de Europese Unie. Een aanpassing van het taaldecreet was bijgevolg nodig.

Algemeen principe

Als algemene regel blijft gelden dat natuurlijke en rechtspersonen die een exploitatiezetel in het Nederlandse taalgebied hebben, de Nederlandse taal moeten gebruiken voor:

  • de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en de werknemers;
  • de wettelijk voorgeschreven akten en bescheiden van de ondernemingen;
  • alle documenten bestemd voor het personeel.

Versoepeling voor de individuele arbeidsovereenkomsten

Naast de Nederlandse versie kan voor individuele arbeidsovereenkomsten bijkomend een rechtsgeldige versie worden opgemaakt in één van volgende door alle betrokken partijen begrepen talen:

  • een officiële taal van de Europese Unie;
  • een officiële taal van één van de lidstaten van de Europese Economische Ruimte maar die geen lid zijn van de Europese Unie (Ijsland, Lichtenstein, Noorwegen).

Deze mogelijkheid tot het opstellen van een bijkomende rechtsgeldige versie van de individuele arbeidsovereenkomst is enkel van toepassing indien de werknemer zich in één van de onderstaande gevallen bevindt:

  • de werknemer heeft zijn woonplaats op het grondgebied van één van de andere lidstaten van de Europese Unie of één van de lidstaten van Europese Economische Ruimte;
  • de werknemer heeft zijn woonplaats op het Belgische grondgebied EN heeft gebruikgemaakt van zijn recht op vrij verkeer van werknemers of van de vrijheid van vestiging (zoals gewaarborgd door art. 45 en 49 van het verdrag betreffende de werking van de EU en door Vo nr. 492/2011)
  • de werknemer valt onder het vrij verkeer van werknemers op grond van een internationaal of supranationaal verdrag.

Als er een verschil bestaat tussen de Nederlandstalige versie en de anderstalige versie van de individuele arbeidsovereenkomst heeft de Nederlandstalige versie van het document voorrang.

Aanpassingen van de strafsancties

De strafsanctie bij de overtreding van het taaldecreet wordt aangepast. Het niet respecteren van het taaldecreet door de werkgever (zijn aangestelden of lasthebbers) geeft aanleiding tot het opleggen van een strafrechtelijke geldboete van 50 tot 500 euro.

De verjaringstermijn voor de strafsanctie voor inbreuken op het taaldecreet wordt vastgelegd op 5 jaar (in plaats van 1 jaar).

De aanpassingen treden in werking op 2 mei 2014.

Bron : Decreet van 14 maart 2014 tot wijziging van artikel 1, 2, 4, 5, 12 en 16 van het decreet van 19 juli 1973 tot regeling van het gebruik van de talen voor de sociale betrekkingen tussen de werkgevers en de werknemers, alsmede van de door de wet en de verordeningen voorgeschreven akten en bescheiden van de ondernemingen (1), B.S. 22 april 2014. 

Auteur: Peggy Criel

29/04/2014