Aanpassing van de wetgeving inzake de arbeidskaart (3)

Auteur: Peggy Criel
Datum:

Sommige bepalingen van de wetgeving inzake de arbeidskaart werden aangepast. Gezien de diversiteit van de wijzigingen worden deze toegelicht in drie verschillende infoflashes. In deze infoflash bespreken we de aanpassingen van de overgangsmaatregelen betreffende de bijzondere vrijstellingen ten gunste van de Bulgaarse, Roemeense en Kroatische onderdanen.

Tot en met 31 december 2013 zijn er overgangsmaatregelen van toepassing op Bulgaarse en Roemeense onderdanen die in België werken. Voor onderdanen uit Kroatië worden sedert 1 juli 2013 dezelfde overgangsbepalingen gehanteerd. Tijdens de overgangsperiode zijn deze onderdanen niet vrijgesteld van arbeidskaart wegens hun nationaliteit en moeten zij in principe over een arbeidskaart beschikken om te werken in België. De familieleden van deze onderdanen kunnen in beginsel evenmin een beroep doen op de familieband om een vrijstelling te bekomen. Er kan echter op basis van andere criteria wel een vrijstelling van arbeidskaart bestaan.

Door de aanpassing van de wetgeving worden deze vrijstellingen nu uitgebreid.

Elektronische E+ kaart en F+ kaart

Bulgaarse, Roemeense of Kroatische onderdanen die in het bezit zijn van een elektronische E+ kaart zijn vrijgesteld van een arbeidskaart. Hun niet EU-familieleden genieten eveneens een vrijstelling voor zover deze familieleden in het bezit zijn van een elektronische F+ kaart.

Bijlage 15

De Bulgaarse, Roemeense of Kroatische echtgenoot van een Belg die beschikt over een bijlage 15 omdat hij als grensarbeider werkt in België is vrijgesteld van arbeidskaart. De echtgenoot moet dan wel in het land waar hij verblijft (Nederland, Frankrijk, Luxemburg, Duitsland of Verenigd Koninkrijk) beschikken over een recht op verblijf van meer dan drie maanden.

Gezinshereniging

Niet onderdanen van de Europese Economische Ruimte (EER) alsook Bulgaarse, Roemeense of Kroatische onderdanen die zich in het kader van gezinshereniging voegen bij een Belgische onderdaan of een onderdaan van de EER worden voortaan vrijgesteld van arbeidskaart op basis van het verblijfsdocument (en niet langer op basis van hun rechtstoestand).

Om van deze vrijstelling te kunnen genieten mag de onderdaan van de EER bij wie de familieleden zich voegen zelf geen Bulgaarse, Roemeense of Kroatische onderdaan zijn.

Deze niet onderdanen van de EER genieten een vrijstelling van arbeidskaart indien zij in het bezit zijn van één van volgende verblijfsdocumenten:

- tijdens de periode van onderzoek van de aanvraag om erkenning van het recht op verblijf in België:

  • een bijlage 19; of
  • een bijlage 19ter mits een geldig attest van immatriculatie of een geldig bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister (A kaart);

- in geval van een definitief gunstige beslissing:

  • een elektronische E kaart; of
  • een elektronische F kaart;

- in geval van een hoger beroep tegen een ongunstige beslissing: een bijlage 35.

De bovenstaande aanpassingen zijn in werking getreden op 5 augustus 2013.

Bron: Koninklijk besluit van 17 juli 2013 tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers (1), BS 26 juli 2013.

Auteur: Peggy Criel

28/08/2013